zondag 29 januari 2012

Echt een kind van mijn ouders

 Toen ik wakker werd op de verkoeverkamer, was t eerst wat ik zag dat een verpleegster tegen de andere verpleegster zei:" ik heb haar morfine gegeven, maar daar werd ze misselijk van" . Ik dacht meteen aan mijn moeder, zij kon daar ook niet tegen. Ook altijd ziek van narcose en morfine. Zit dus in de familie. Maar later besefte ik pas hoe raar t eigenlijk was dat ik net bijkomende van een zware operatie, nogal bijziend en geen bril op, ik dat perfect kon liplezen én begrijpen. Want een verpleegster heeft me inderdaad bevestigd dat dat werd gezegd. En dat ik dan meteen aan mijn moeder dacht.

Na twee zeer zware dagen vol misselijkheid, duizeligheid eindelijk zover opgeknapt dat ik naar huis mocht. De autorit van 1 uur doorstaan en eenmaal thuis gauw op de bank neergeploft. Bibberen, zwak, maar niet misselijk. Moest wel veel zuchten en blazen. En ineens bij de zoveelste keer uitblazen en zuchten dacht ik aan mijn vader, die steunt en blaast precies hetzelfde. Eerst diep uitblazen en dan zachtjes napuffen. Niet één keer, maar een paar keer achter elkaar. Ik doe precies hetzelfde. En nu lach ik er bij. 

Ja, ik ben echt een kind van mijn ouders. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen